Nieuwe stap voor Maatschappelijke GGZ en gehandicaptenzorg in Drenthe

De maatschappelijke GGZ en de gehandicaptenzorg in Drenthe gaan nauwer samenwerken. Eveline Bakker, programmamanager Maatschappelijke GGZ in Drenthe, legt uit waarom dit nodig is en hoe dit inwoners meer rust, duidelijkheid en passende ondersteuning oplevert.

“Met alle betrokken GGZ‑organisaties, gemeenten, G‑AAN en het zorgkantoor zetten we dit jaar een stap vooruit. We brengen de maatschappelijke GGZ en de gehandicaptenzorg dichter bij elkaar. Niet door structuren te veranderen, maar door slimmer samen te werken.

We delen expertise, stemmen beter af bij complexe situaties en organiseren ondersteuning zoveel mogelijk zo thuis, zo licht en zo digitaal mogelijk. Het doel is simpel: zorgen dat inwoners niet meer tussen systemen vallen.”

Waarom is dit het juiste moment voor intensievere samenwerking?
“De zorg verandert snel. Steeds meer mensen met een Wlz‑indicatie wonen in de wijk, en gemeenten krijgen daardoor vaker te maken met zorgmijding, overlast of crisissituaties. Tegelijkertijd werken we binnen de maatschappelijke GGZ aan herstelgericht begeleiden en soepele doorstroom, en veel van die vraagstukken raken ook de gehandicaptenzorg. Het is dus logisch om de samenwerking tussen beide domeinen te verdiepen. 

Binnen de gehandicaptenzorgorganisaties die zijn aangesloten bij G‑AAN, is bestuurlijke instemming om de samenwerking met de GGZ te versterken. Daarnaast hebben de GGZ‑organisaties onderling een convenant gesloten waarin deze gezamenlijke beweging is vastgelegd. Samen vormen deze afspraken een stevige en waardevolle basis voor de volgende stap.”

Hoe ziet de ontwikkeling er de komende tijd uit?
“We richten dit jaar gezamenlijke werkgroepen in, organiseren leerbijeenkomsten en gebruiken één gedeelde koers. Ook verkennen we regionale oplossingen, zoals gezamenlijke nachtzorg, een eenduidig escalatiemodel en digitale consultatie. Het gaat vooral om beter samenwerken rondom inwoners: elkaar sneller vinden, informatie delen waar dat mag en expertise inzetten waar die het meeste oplevert.”

Wat betekent dit voor cliënten – en voor professionals?
Voor inwoners en professionals verandert er op dit moment misschien nog niet veel, maar straks wel: meer rust, minder gedoe en sneller passende ondersteuning. Wanneer er iets speelt, weten organisaties elkaar beter te vinden. Dat voorkomt escalaties en geeft cliënten én hun netwerk meer stabiliteit.

Voor professionals wordt het werk overzichtelijker: kortere lijnen, minder eilandvorming en meer gedeelde kennis. Dat scheelt tijd en stress en verhoogt de kwaliteit van zorg.

Wat wil je de regio graag meegeven?
“Deze beweging doen we niet voor de systemen, maar voor de mensen om wie het gaat. Door nu te investeren in samenwerking, creëren we een sociaal‑mentaal zorglandschap waarin iedereen kan wonen, meedoen en zich veilig voelen. En het mooie is: we hoeven het niet perfect te doen; als we het maar samen doen.”

Koploper in het Actie Leer Netwerk met nachtzorg-project

Met onze gezamenlijke aanpak van de nachtzorg is G-AAN Drenthe benoemd tot Koploper in het Actie Leer Netwerk van het ministerie van VWS.

De komende jaren staat de gehandicaptenzorg voor een grote uitdaging. Er zijn steeds minder zorgprofessionals beschikbaar, terwijl de zorgvraag blijft groeien. Dat vraagt om een andere manier van organiseren. Binnen G-AAN Drenthe hebben vier zorgorganisaties – Cosis, De-Bruggen, Van Boeijen en Koninklijke Visio – de handen ineengeslagen om de nachtzorg anders te organiseren. Niet ieder voor zich, maar samen.

Door de nachtzorg over de grenzen van organisaties heen te bundelen en digitale middelen slim in te zetten, kunnen we met minder mensen dezelfde kwaliteit en veiligheid blijven bieden. Tegelijk ontstaat er ruimte om medewerkers die nu ’s nachts werken, overdag in te zetten voor andere taken. Een eerdere pilot in Veendam liet zien dat dit mogelijk is: met een kleiner team werd dezelfde, en in sommige gevallen zelfs betere kwaliteit van zorg gerealiseerd. Dat smaakte naar meer en vormde het startpunt voor de gezamenlijke nachtzorg in Meppel. Lees hier meer over de gezamenlijke nachtzorg.

Regionale samenwerking tussen zorgorganisaties

De toenemende complexiteit van de zorg en de schaarste aan professionals vragen om een toekomstbestendige regionale samenwerking op het gebied van MGZ. Expertise, capaciteit en medewerkers worden momenteel nog niet optimaal benut. Zorgprofessionals moeten flexibeler en organisatie-overstijgend ingezet kunnen worden.

Gewenste situatie
Er is sprake van een robuuste regionale samenwerking tussen zorgorganisaties. Functies zoals digitale triage, achterwacht, poli’s en verpleegkundige aanrijdteams zijn organisatie-overstijgend ingericht binnen de Regiohub. De kaders hiervoor zijn vastgelegd in het kaderdocument organisatorische en operationele uitwerking.

Doelen:

  • Versterken van regionale samenwerking: door triage, achterwacht, consultatie en aanrijdteams regionaal te organiseren, verschuift expertise van organisatieniveau naar regioniveau. Hierdoor worden schaarse professionals zo efficiënt mogelijk ingezet.
  • Modern werkgeverschap: flexibele, organisatie-overstijgende inzet van professionals vergroot werkplezier, versterkt samenwerking en biedt meer loopbaanmogelijkheden. Taakherschikking ondersteunt deze ontwikkeling.
  • Opschalen van bewezen technologie en innovatie: digitale triage wordt regionaal toegepast en verder opgeschaald om zorg efficiënter en sneller te organiseren.
  • Aansluiting bij het landelijk akkoord VGN–ZN en de beweging van zorg naar gewoon leven: snelle, passende triage en consultatie voorkomen onnodige opschaling van zorg en ondersteunen een zo gewoon mogelijk leven, met goede huisartsenzorg en specialistische ondersteuning waar nodig.
  • Aansluiting bij de toekomstagenda ‘Zorg en ondersteuning voor mensen met een verstandelijke beperking’: het project draagt bij aan toekomstbestendige zorg door regionale samenwerking te combineren met technologische innovatie.

Ondersteuning van de inhoudelijke pijlers

Binnen de G-AAN-samenwerking onderzoeken zorgaanbieders hoe zij de zorg toekomstbestendig kunnen houden, door de zorg zo licht, zo digitaal en zoveel mogelijk thuis te organiseren. Dit doen zij door intensief samen te werken binnen de regio. De drie inhoudelijke pijlers – MGZ, Digitaal dichtbij en Expertise toevoegen – geven hier concreet invulling aan en de pijler Mens & Organisatie ondersteunt hierbij.

Gewenste situatie
Om de inhoudelijk pijlers zo goed mogelijk te ondersteunen, heeft Mens & Organisatie in 2025 een aantal bijeenkomsten georganiseerd voor professionals op het gebied van bedrijfsvoering. Uit deze bijeenkomsten zijn klankbordgroepen ontstaan die meedenken over inhoudelijke vraagstukken.

Voor 2026 staan de volgende doelstellingen op het programma:

  1. Organiseren van expertise vanuit zorgaanbieders voor het oprichten van de Regio van de toekomst.
  2. Geven van advies aan projectleiders van de inhoudelijke pijlers op het gebied van mens en organisatie.
  3. Afstemmen tussen FRIS, TZA, Byzondr en Zorgplein Noord over inhoudelijke samenwerking.

Waarom willen we dit:

  • Versterken van regionale samenwerking: de Regiohub bevordert de samenwerking tussen zorgaanbieders, over domeinen en sectoren heen. Dit leidt tot efficiëntere en betere zorg. De pijler Mens & Organisatie is er vooral op gericht om medewerkers met elkaar te verbinden.
  • Modern werkgeverschap: door anders te werken, blijft de regio een aantrekkelijke werkgever die medewerkers weet te binden en boeien.
  • Tevreden cliënten en medewerkers: dit draagt bij aan werkplezier en aan een hogere kwaliteit van zorg.

Digitale expertise toevoegen: hulp bij cliënten met een VG6/VG7-indicatie

Samen werken aan specialistische zorg die wérkt

Hendrike Fonteine is manager van de Cosis Poli en werkzaam als GZ-psycholoog/orthopedagoog. Vanuit haar rol in het MGZ-transitieteam is zij nauw betrokken bij de ontwikkeling van een regionaal expertisecentrum voor mensen met een verstandelijke beperking. Vanuit die combinatie van praktijk, organisatie en transitie vertelt zij over de ontwikkelingen richting een regionaal expertisecentrum

Binnen de Medisch Generalistische Zorg (MGZ) wordt al volop samengewerkt aan een concreet, gezamenlijk aanbod voor mensen met een verstandelijke beperking. Het gaat hierbij om handicap-gebonden problematiek en daaruit voortkomende psychische problematiek. Een mooi voorbeeld daarvan is de ontwikkeling van de regiopoli binnen de regiohub Drenthe: een samenwerking waarin gespecialiseerde poli’s van Cosis en Vanboeijen hun krachten bundelen, zodat cliënten sneller op de juiste plek terechtkomen en expertise beter wordt benut.

Een van de kartrekkers van deze ontwikkeling is Hendrike Fonteine, die vanuit het transitieteam nauw betrokken is bij de vormgeving van een overkoepelend regionaal expertisecentrum voor mensen met een verstandelijke beperking.

Waarom deze samenwerking nodig is

“Wat we in de praktijk steeds weer zien,” vertelt zij, “is dat psychische problematiek veel vaker voorkomt bij mensen met een verstandelijke beperking dan bij mensen met een gemiddeld IQ. Toch sluit het reguliere GGZ-aanbod vaak onvoldoende aan. Cliënten worden afgewezen op basis van IQ-criteria of komen terecht in trajecten die vastlopen, omdat de behandeling simpelweg niet passend is.”

De toegankelijkheid van de MGZ voor VG-cliënten staat dus onder druk. De toenemende complexiteit van de zorg en schaarste van professionals vraagt in de regio om een toekomstbestendige regionale samenwerking op het gebied van MGZ. Het is de bedoeling om expertise en capaciteit slimmer in te zetten om de toegankelijkheid van de medisch verpleegkundige zorg ook in de toekomst te kunnen borgen. Daarom is binnen de MGZ gekozen voor een regionaal expertisecentrum waarin gespecialiseerde kennis uit de gehandicaptenzorg wordt samengebracht. 

Binnen dit centrum krijgt het aanbod vorm langs drie lijnen: een verpleegkundige triagedienst, verpleegkundige aanrijdteams en een regiopoli voor psychische en medische behandeling, specifiek afgestemd op mensen met een verstandelijke beperking.

Wat er nu al gebeurt: samen optrekken in de poli’s

De regiopoli als onderdeel van een regionaal expertisecentrum is geen toekomstmuziek, maar groeit nu al stap voor stap. Cosis en Vanboeijen – beide deelnemende organisaties binnen de MGZ – beschikken ieder over een eigen poli voor deze doelgroep. In plaats van los van elkaar te blijven werken, zijn zij samen gaan verkennen hoe het aanbod beter op elkaar kan aansluiten.

“Wat ons opviel,” vertelt Hendrike, “is hoeveel overlap er eigenlijk al is. Cliënten kunnen bij Vanboeijen grotendeels hetzelfde aanbod krijgen als bij Cosis. Tegelijkertijd hebben we ieder ook eigen accenten en aanvullingen. Door die slim te combineren, ontstaat er een veel sterker regionaal geheel.”

Beide poli’s werken met vergelijkbare disciplines, zoals GZ-psychologen en orthopedagogen-generalist, artsen VG, vaktherapeuten en paramedici. Door die overeenkomsten ontstaat ruimte om van elkaar te leren, wachtlijsten beter te managen en cliënten sneller naar de juiste plek te begeleiden. 

Van verkennen naar doen

Een concrete stap in januari ’26 is de detachering van een behandelaar, van de Cosis-poli naar de poli van Vanboeijen. Zo wisselen we schaarse professionals uit, zodat we de juiste persoon, op de juiste plek, op het juiste moment hebben. Een waardevolle bijvangst hiervan is dat we inzage krijgen in elkaars werkwijzen, proces en keuzes.

“Het gaat ons niet om één centrale plek,” benadrukt Hendrike. “Juist door het aanbod regionaal te organiseren, op meerdere locaties, houden we de zorg dichtbij en toegankelijk. Tegelijkertijd benutten we de schaarse specialistische capaciteit veel slimmer op meerdere locaties, maar wel met één centrale en goed zichtbare toegang”

Vooruitkijken: schaalbaar en toekomstbestendig

Hoewel de MGZ-samenwerking zich in eerste instantie richt op Drenthe, wordt bewust gewerkt aan een aanpak die ook toepasbaar is in Groningen. Cosis werkt net als meerdere zorgorgansiaties in beide regio’s, en die regionale samenhang biedt kansen om het gezamenlijke aanbod verder te versterken.

De ambitie is helder: toewerken naar een regionaal expertisecentrum waarin meerdere organisaties samen zorg bieden aan mensen met een verstandelijke beperking. Niet als los initiatief, maar als logisch onderdeel van een bredere beweging binnen de MGZ: de juiste cliënt, op het juiste moment, op de juiste plek, samen georganiseerd.

Regio Zwolle
Govert Flinckstraat 31
9021 ET Zwolle

Regio Drenthe
Lauwers 17
9405 BL Assen

Samen maken we de zorg in de regio toekomstbestendig. G-AAN brengt partijen bij elkaar die willen samenwerken, experimenteren en innoveren.

Naar contactformulier

Blijf als eerste op de hoogte, ontvang onze nieuwsbrief